drachten

Drachten
Sedert het graven van de vaart concentreerde de bewoning en de bedrijvigheid zich vooral langs de noord-zuidweg, dat is de huidige Burgemeester Wuiteweg, Zuider- en Noorderbuurt en Stationsweg, inclusief de Oudeweg. Maar evenzeer aan de hoofdvaart en de beide dwarsvaarten.


In 1835 tellen we reeds 135 winkels, eenmansbedrijven en fabriekjes. De bakkerijen, slagerijen, kleding- en schoenenzaken kennen we ook nu nog, maar sommige andere bedrijven van toen bestaan nu niet meer, zoals de kalkbranderijen, leerlooierijen, wolkammerijen maar ook 4 (!) korenmolens.
Vanaf 1850 begon zich in Drachten de tabaksindustrie te ontwikkelen. Tot ver in de

20ste eeuw is deze industrietak voor Drachten zeer belangrijk geweest. Heel herkenbaar is ook nu nog de voormalige tabaksfabriek van erven Fokke van der Meulen, waar de vermaarde pruimtabak “De Drachtster Kei” gemaakt werd. Ook nog goed herkenbaar is het voormalige tabaksfabriekje met tabaksdrogerij aan het Moleneind tegenover It Smelnehûs. Deze panden verdienen het om als aandenken aan deze belangrijke periode voor Drachten bewaard te blijven.
Ook was Drachten destijds bekend om zijn scheepswerven. Vooral de werf van de gebroeders Roorda aan het Moleneind en de werf van de familie Van der Werff aan het Buitenstvallaat waren vermaard om de kwaliteit van de skûtsjes. Nog steeds strijden deze Piipster en Bûtenfallaatster skûtsjes in de voorste gelederen bij de jaarlijkse wedstrijden skûtsjesilen.
Nadat in 1950 Philips zich met een fabriek voor scheerapparaten in Drachten vestigde is de groei van Drachten zeer snel doorgezet. Tal van bedrijven kozen eveneens Drachten als vestigingsplaats waardoor ook het aantal inwoners snel groeide. Inmiddels is Drachten met meer dan 42.000 inwoners de tweede plaats (na Leeuwarden) in Friesland.

Dragten. Hoek-Langewijk – Zuiderdwarsvaart bij de ijzeren scheepsbouw.


De oude scheepswerf op de hoek Langewijk-Zuiderdwarsvaart, omstreeks 1951.

Dit was de werf die in 1840 was begonnen door Ate Pieters. Ate Pieters was één van de oprichters van de Christelijk Afgescheiden Gemeente van Drachten. Hun eerste bijeenkomst was in 1844 in de schuur van deze werf.

Deze werf werd in de loop der 1880-er jaren verkocht aan een oomzegger van Ate Pieters, Pieter Haikes (1845-1900), zoon van Haike Pieters van der WERFF. Pieter Haikes had voorheen de werf aan de Noorderdwarsvaart. Later was zijn zoon Haike Pieters (1870-1956) hellingbaas en scheepsbouwer op deze werf



Haike Pieters van der Werff:

— II —

Haike Pieters van der WERFF, geboren te Drachten (Smallingerland) op 7 december 1814, overleden in 1880, zoon van Pieter Haickes van der WERFF en Hinke Ates van VEEN.
Haike is getrouwd te Smallingerland op 2 mei 1840 op 25-jarige leeftijd met Grietje Oebeles KIJLSTRA (27 jaar) geboren te Drachten (Smallingerland) in 1813, dochter van Oebele Rinzes KIJLSTRA en Rienkjen Jurjens POSTHUMA.
Uit dit huwelijk:

  • 1 : Pieter Haikes van der WERFF, geboren in 1845, overleden in 1900. Pieter trouwde in 1867 met Rienkje Bartels EELKEMA. Pieter werd (plm. 1863) hellingbaas aan de Noorderdwarsvaart. Later (1880’s) nam hij de werf aan de Langewijk over van zijn oom Ate Pieters van der Werff.
  • 2 : Oebele Haikes van der WERFF, geboren in 1847, overleden in 1929. Oebele volgde zijn vader op en werd hellingbaas op Buitenstvallaat.
  • 3 : Rinze Haikes van der WERFF. Rinze komen we tegen op een werf in Ureterp en Sint Pancras.


Drachten, Buitenstvallaat.

Aan het einde van de 18de eeuw waren Pieter (1764-1811) en Popke Sybrens Roorda (1773-1847) eigenaren van de scheepswerf op Buitenstvallaat. Na het overlijden van Pieter in 1811 werd de werf door de erfgenamen verkocht. De zoon van Pieter Sybrens, Tjeerd Pieters Roorda, kwam in dienst van de nieuwe eigenaar.

Op 19 juli 1823 verkoopt Sietske Minnes (de grootmoeder van Haike!) de werf volgens koopakte: betreft de verkoop van een half huis, schuur en scheepstimmerswerf te Drachten, koopsom Æ’ 450,– – Sietske Minnes van der Werf te Drachten, weduwe van Haaike Pieters van der Werf als verkoper – Sipke Eises Dijkstra te Drachten als koper.

Vrij spoedig daarna werd deze scheepstimmerwerf met een nieuw timmerhuis, sleep en verdere gereedschappen weer verkocht aan Haike Pieters van der Werff (1843). Haike was hiervoor koopman maar het scheepstimmervak trok hem weer binnen de familietraditie. Hij leerde het vak op een helling in Harlingen en Gorredijk om tenslotte in 1843 hellingbaas op de voormalige Roorda-werf aan het Buitensvallaat te worden.
In de loop van de 19de eeuw kreeg deze werf bekendheid onder de naam ‘De Nijverheid’. Omstreeks 1898 werd ‘den ijzeren scheepsbouw’ als naam gebruikt, ook als nadere aanduiding van de werf.